Bron: Farruco Sesto 
nosdiario 28 september 2026 [ES]
Orinoco Tribune October 2, 2026 [EN] ~~~

In verband met het standpunt van Venezuela, zoals dat door president Delcy Rodríguez bij de VN is uiteengezet, wil ik enkele overwegingen delen met de lezers van deze Galicische krant, juist vanwege de vele dingen die we gemeen hebben. Dit zijn slechts enkele persoonlijke overwegingen over een realiteit die zo complex is om te interpreteren en te begrijpen, en die ik mij veroorloof te verwoorden in de duidelijke taal van het geschreven woord.

Ik begin met toe te geven dat Venezuela, in de omstandigheden waarin het zich bevindt, heeft besloten zich niet als volk op te offeren, maar juist te proberen vooruitgang te boeken op een onverwacht en ongekend pad. We hebben ons jarenlang voorbereid op een langdurig verzet tegen agressie, terwijl we te lijden hadden onder een hybride oorlog die ons materieel verwoestte, onze olie-economie ten gronde richtte en ons volk immense schade toebracht. Een oorlog die, overigens, nog niet is afgelopen. Nu, geconfronteerd met scenario’s van extreme wreedheid, waaronder de ongebruikelijke ontvoering van de president, moesten we met onze vijand (met wie anders?) aan tafel gaan zitten om te onderhandelen over het tot stand brengen van vrede.

Betekent dat dat we ons hebben overgegeven? Nee. Het betekent geenszins een capitulatie. Is die zoektocht naar vrede in een asymmetrische en gedwongen onderhandeling een schande voor ons? Nee, dat is geen schande. Net als bijna alle volkeren ter wereld streven wij ernaar om in waardige vrede te leven. En dat is precies waar deze ingewikkelde, risicovolle en moeilijke onderhandelingsweg om draait: met het machtigste, meest ambitieuze, amorele en wrede imperium dat de wereld ooit heeft gekend, wiens woord we bovendien hadden geleerd ‘niet in het minst te vertrouwen’. Een waardige vrede onder uiterst ongunstige omstandigheden. Dat is de weg die we hebben gekozen, omdat we niet dachten dat de collectieve zelfopoffering van een heel land op die vreselijke 3 januari de beste uitweg zou zijn geweest.

Ik heb hierover nagedacht en ben er vast van overtuigd dat, van alle scenario’s waarop we waren voorbereid, het scenario dat een langdurig verzet op basis van een volksoorlog mogelijk zou hebben gemaakt, niet de minste kans van slagen had. Zo stonden de feiten er voor, de dreigingen en de effectiviteit van ons militair reactievermogen dat afhankelijk is van externe technologische steun waarover wij niet beschikken.

Een duurzame vrede

Laat mij de Galicische linkse beweging, die ons tot nu toe heeft vergezeld, eraan herinneren dat „de concrete analyse van de concrete situatie de levende ziel van het marxisme is”, aangezien „er geen abstracte waarheid bestaat; de waarheid is altijd concreet”, zoals we tijdens onze militante activiteiten hebben geleerd en in praktijk hebben gebracht. Het is op basis van die concrete realiteit, die wij in al haar aspecten van dichtbij hebben ervaren, en niet op basis van vooropgezette ideeën, dat ons volk deze ingewikkelde weg van dialoog met de vijand en van interne wederopbouw heeft gekozen, waarbij onze soevereiniteit gewaarborgd blijft.

Moesten we stof slikken? Ja, inderdaad: we moesten stof slikken. Betekent dat dat we afstand moeten doen van het Bolivariaanse project en de erfenis van Hugo Chávez? Onmogelijk voor het chavistische volk, want die erfenis vormt de zuurstof van ons collectieve politieke leven. Zijn we misschien verraders? Zo beschouwen we onszelf niet. Persoonlijk denk ik dat ik Chávez vrij goed kende: ik maakte deel uit van zijn regeringsteam, ik was zijn vriend, ik volgde hem op de voet en bestudeerde hem nauwkeurig, en ik beschouw mezelf niet als een verrader van zijn nalatenschap. Laat degenen die daar anders over denken hun eigen revolutie maken en zien of het zo gemakkelijk is. Want, zoals Fidel zei – en zo bekijken wij het ook – „de plicht van een revolutionair is het maken van de revolutie.” En ik wens hen oprecht veel succes bij die poging.

Ondertussen proberen wij beleid te voeren en nemen wij bovendien deel aan de vreemde geopolitieke verschuivingen van deze tijd, als vrienden van alle volkeren en met de menselijke zaak als ons vaandel, in een tijdperk waarin monsters vrij rondlopen als nooit tevoren. De woorden van onze waarnemend voorzitter bij de VN weerspiegelen dit met de grootst mogelijke duidelijkheid, met haar „toewijding aan vrede en afwijzing van geweld“ en haar vaste geloof „in de kracht van dialoog en begrip“, waarbij zij „zonder dubbelzinnigheden“ bevestigt dat vrede, een rechtvaardige, duurzame vrede met waardigheid voor alle partijen, geen naïeve aspiratie is, maar de enige werkelijk humane uitweg. Dit is in wezen wat er schuilgaat achter het caleidoscopische spel van diplomatieke spiegels, onmogelijk te interpreteren aan de hand van berekende stiltes en enkele beelden.

Ter afsluiting van deze aantekeningen maak ik mij de woorden eigen van Jorge Arreaza, onze dierbare afgevaardigde en rector van de Universiteit van de Communes „Het is gemakkelijk om vanuit rechts of links overhaast met de vinger naar Venezuela te wijzen. Toetsenborden en (sociale)netwerken verdragen alles. Wat moeilijk is, is om onder zulke complexe omstandigheden de vrede te bewaren en de economie na jaren van agressie weer op gang te brengen, en de rijkdom te herverdelen onder de meest kwetsbaren.”

Topfoto: De Venezolaanse waarnemend president, Delcy Rodríguez, had een ontmoeting met de Amerikaanse president Donald Trump in het kader van de 81e Algemene Vergadering van de VN in New York. Foto: Persdienst van het Venezolaanse presidentschap.

Farruco Sesto is voormalig minister van Cultuur van de Venezolaanse regering en lid van de Verenigde Socialistische Partij van Venezuela (PSUV).


gerelateerd (berichten in dit archief):